Spring naar inhoud

koor aan het woord 2016

April 2016

Daar zit muziek in zul je denken als je bij mij thuis komt. En dat is ook wel zo, maar het is allemaal heel bescheiden gebleven. De piano en een vaas vol blokfluiten herinneren aan de tijd waarin ik opgroeide met muziek en dat heb ik willen doorgeven aan mijn kinderen.

Mijn ouders zongen allebei in kerkkoren, maar geld voor instrumenten en muziekles was er eigenlijk niet. Een speelgoedblokfluit, zo’n plastic ding dat mijn buurmeisje als eerste had, werd de aanleiding voor muziekles en dat was het begin van een niet onverdienstelijke blokfluitcarrière. Ik heb er zelfs nog een 45 toerenplaatje aan overgehouden, dankzij mijn lerares destijds in Lochem. Haar man was organist en orgelbouwer en samen spanden zij zich in voor de renovatie van de Hervormde Kerk in Drempt. (Zie foto met mijn persoon links op het bankje). Dat plaatje werd natuurlijk goed verkocht!

Nadat ik achter de winkel van de plaatselijke kruidenier bij wie ik meehielp een piano had ontdekt, werd dat mijn favoriet. Mijn ouders bezweken zelfs voor de aanschaf van een heuse piano, een oudje die nauwelijks in onze huiskamer paste. Misschien heeft het er mee te maken dat de broer van mijn opa directeur was van het conservatorium in Maastricht. Er zat dus wel muzikale ambitie in de familie. Toch heeft die ambitie zich niet echt doorgezet. Niet bij mij en ook niet bij mijn kinderen, al hoewel die alle drie één of meer instrumenten hebben bespeeld.

Ik koos in 2007 voor zingen bij het Vrouwenkoor Kwintessens toen de kinderen goed en wel de deur uit waren. Er stond een advertentie ‘sopranen gezocht’ in het Amstelveense weekblad en ook omdat Peter, mijn echtgenoot, al jaren bij het KLM-mannenkoor zingt voelde ik daar wel voor.

Bij Kwintessens had ik meteen aansluiting. Zowel de vrouwen als het repertoire en de dirigent passen mij helemaal. Na verloop van tijd vroegen ze me voor het bestuur en nu zit ik als penningmeester zelfs midden in de organisatie. Een terugkerend thema is de vraag of en hoe vaak we optreden en welk kwaliteitsniveau we dan willen halen. Ik kan er zelf slecht tegen als een optreden niet perfect gaat. Natuurlijk gaat het ook om het plezier van zingen op de wekelijkse repetities. En als je dat plezier bij een uitvoering overtuigend uitstraalt kun je dat ook voldoende vinden. Ieder koor zit met dit soort vraagstukken en daar moet je elkaar in zien te vinden. Waar ik me absoluut niet bij neer kan leggen is de opdracht bij sommige liederen om uit het hoofd zingen. ‘By Heart’ of ‘Par Coeur’ klinkt natuurlijk mooi, maar mij lukt het gewoon niet zonder een spiekbriefje. Dat wordt ook wel toegestaan, maar ik vind het vervelend om een uitzondering te zijn. En ik kan het niet opbrengen om een beetje te gaan staan playbacken. Waarschijnlijk wordt ik daarin geremd door mijn perfectionisme. Maar hoe dank ook, dat ik wil blijven zingen staat vast. Ik overweeg ook meer aan stemvorming voor mezelf te gaan doen. In dat verband zijn de Kwintessens studiedagen trouwens altijd verrijkend en nog verschrikkelijk gezellig ook! Zodoende ben ik dus al bijna tien jaar bij Kwintessens.

Trudy Gerritsen-Hijstek